Ken mijn maten

Laat ik u berichten over een verre nicht.
Onlangs belde ze me plotseling op. 'Beste Paul', toeterde ze via de hoorn in mijn oor, 'hoe gaat het?' Vóór ik het sociaal gewenste antwoord 'goed hoor' had kunnen geven, ging ze op vertrouwelijke toon verder, want ze had een geheim. Ze had aambeien. Ik luisterde net naar de radio waar een sporter die het op de Olympische Spelen niet gehaald had, stotterend vertelde hoe dat voelde. 'Ja, super is anders, hè? Ik heb mezelf ... uh ... opgeblazen. De benen verzuurden al snel.'
'Ik heb zelden zoiets aangrijpends gezien, toen je zo ontgoocheld op de grasmat lag te huilen. Wil je nog iets tegen je moeder zeggen?', deelde de verslaggever nog een finale klap uit.
'Absoluut', jammerde de arme man, 'jaren trainen en na één partijtje van driekwart minuut al naar huis.'
Je moet sportlui vooral niet laten praten, concludeerde ik. Maar nu vroeg mijn familielid om aandacht.
'Meid toch, vertel me er alles over, ik brand van nieuwsgierigheid. Hoelang heb je ze al en hoe groot zijn ze?'
En toen barstte ze los. Hoe langzaam maar zeker een onaangenaam gevoel zich van haar achterste meester maakte, dat ze haar partner tot voorzichtigheid had gemaand, maar dat de bulten zich niet voor de gek lieten houden en hevig bleven jeuken.
'Gebruik je Sperti?' probeerde ik mee te denken 'Op teevee laten ze zien dat je daarmee goed kunt fietsen en veilig je handen aan het stuur kunt houden. Je blijft ook lachen, zag ik.'
'Fietsen?', antwoordde ze wanhopig, 'breek me de mond niet open. Ik heb het zadel van mijn fiets eraf gehaald. Maar toen keken ze me op straat zo eigenaardig aan. Dus de fiets blijft tegenwoordig in de schuur.'
'Maar jullie hebben toch ongetwijfeld een teevee-programma waar de aambei in al zijn facetten behandeld wordt?'
'Beste neef. Ik dacht dat jij iets met taal hebt. In het Groene Boekje is het woord aambei niet te vinden, maar alleen het meervoud aambeien. Die lui van de Taalunie weten ten minste dat een probleem nooit alleen komt. Een programma? Nee, nergens kunnen we onze nood klagen. Aambeien zijn niet sexy. Daarover zwijgt men liever. Had ik maar iets met mijn nieren, dan was ik al lang een bekende Nederlander geweest. Maar nou jij, neefje, vertel, wat zijn jouw maten?'
'Pardon?'
'Doe niet zo preuts, man, ik heb me in de broek laten kijken, nu jij. Of durf je dat niet?'
'Oh best, pas heb ik nog samen met de reparateur van de wasmachine hardnekkige vlekken in onderbroeken bestudeerd. Ik vond het even gênant, maar ik leer snel bij. Het is met schaamte precies als met beschaving: het is flinterdun.'
'Vooral als het schuift, neef. Jij schrijft toch een beetje? Publiceer een boek. Is jouw vader niet dertig jaar geleden overleden? Zo iets slijt toch nooit? Erover schrijven joh. Of doe iets met vreemdgaan. Schrijf een mannenversie van de Godin van de jacht.'
'Ik ga niet vreemd.'
'Doet er niet toe, Heleen van Royen ook niet, maar het verkoopt. Neem een voorbeeld aan dat Amsterdams raadslid dat met een oplage van ettelijke duizenden boeken aan haar kinderen vertelt hoe ze in de prostitutie verzeild raakte.'
'Ik weet niks, misschien ben ik wel te gewoon.'
'Lulkoek, zet een webcam op je slaapkamer en film alles wat je doet, net als Catherine Millet. De kijkcijfers vlogen omhoog toen Frans Bauer op teevee tevergeefs een schilderijtje aan de muur probeerde te spijkeren. Het intieme is openbaar geworden.'
'Het schijnt dat de auteurs van "Het groot woordenboek der intimiteiten" vastgelopen zijn. Misschien iets voor mij.'
'Precies, ken je die al van die vrouw die bij de dokter komt?
'Is dat een mop?'
'Nee, de titel van een boek. Gaat over kanker. Een literair realitydrama om je vingers bij af te likken, schreef de Volkskrant. Ook Iwan Wolffers komt een dezer dagen met een boek over zijn prostaatkanker.'
'Worden er ook nog gewone boeken uitgegeven?'
'Tuurlijk. Maar niet over aambeien.'

terug

volgende