Oud worden (een andere visie)

Tergend langzaam droop de kwijl uit de mond van de oude man. Hij droeg een fatsoenlijke, gedegen, grijze winterjas met zwarte spikkeltjes. Zo'n kledingstuk dat vast en zeker een jongere, toegewijde zus die nog helemaal bij zinnen is, voor hem had gekocht. Hij bleef licht voorovergebogen staan, de sliert werd langer en langer. Tevergeefs probeerde hij iets in zijn broekzak te vinden, ongetwijfeld een zakdoek. Intussen rochelde hij verschrikkelijk waardoor de slijmsliert heen en weer slingerde. Zijn grijze pet bleef ondanks zijn gebogen hoofd wonder boven wonder op zijn hoofd geplakt, zijn bril was naar het puntje van zijn neus gegleden en dreigde te vallen. De man wist met de situatie geen raad, de sliert was inmiddels zeker dertig centimeter lang geworden. Gelukkig waren er weinig mensen op straat om te zien hoe een mens de esthetiek vaarwel kan zeggen.
Het zou zo mooi zijn, de ouderdom. Hordes 50-plussers werden eind vorige eeuw al vóór ze oud waren in de VUT gedumpt om alvast te oefenen voor de heerlijke tijd die spoedig zou aanbreken. Onze moderne wereld biedt legio mogelijkheden. Genieten van de buitenlucht, bijvoorbeeld, als het buiten niet al te grijs is en de motregen het even laat afweten. Soms zie je ze fietsen. Begin lente is het bij ons in het dorp steevast raak. Een viertal grijzende lieden op fonkelnieuwe Gazelles, uitgevoerd in grijs en blauw, met op het stuur een klein standaard waarop een kaart bevestigd kan worden. Voorop rijden de mannen, achteraan bevindt zich altijd iemand, meestal een vrouw, die luid scheldt dat het te hard gaat.
Wie niet wil fietsen of zich nog te jong voelt om over de golfbaan te slenteren, maar toch actief wil blijven en de creativiteit mist om er zelf iets van te maken, kan vele boeken raadplegen om het bestaan tussen werk en de gang naar hemel of hel te verlichten. Opwekkende lectuur, vaak voorzien van een mooi plaatje op de cover dat de doelgroep moet stimuleren uit de leunstoel te komen.
Leve het ouder worden is zo'n boek. Op de omslag zweven twee al wat oudere mensen engelachtig glimlachend hand in hand over een glooiend grasveld. Met mijn rugklachten kan ik zoiets nu al vergeten, denk ik somber bij zo'n tafereeltje. Maar auteur Bert van Nieuwenhuizen verdrijft mijn trieste toekomstperspectief door allerlei interessante alternatieven te bieden. Gitaar spelen bijvoorbeeld, je schijnt er nooit te oud voor te zijn en de zogenoemde rimpelrock is in.
Het laatste wat je moet doen is piekeren, begrijp ik uit het net verschenen boek Piekerprinsessen van psychologe Nolen-Hoeksema. Lees ik het achterplat, dan schijnt dat bijna vechten tegen de bierkaai te zijn. Vooral vrouwen bezondigen zich aan vruchteloze overpeinzingen waarin de zon zelden doorbreekt. Kinderen, gezondheid en zelfs seks bezorgen u hoofdbrekens. Nolen komt met diverse oplossingen waardoor u zich bijvoorbeeld naar de boekhandel zult spoeden om Nu alleen de liefde nog aan te schaffen. Er is kennelijk behoefte aan liefde, want pas verscheen de vierde druk. Een echte aanrader voor wie een einde wil maken aan het doemdenken over de herfst van het bestaan. Er is veel meer dan luidruchtig slijmslierten op straat deponeren.
Oud worden is fijn, concludeer ik tevreden. Och, was het maar vast zover. Op de radio hoor ik stevig gitaarspel. Als jongen van de generatie van de Stones, Led Zeppelin en Jimmy Hendrix spits ik mijn oren. Een Nederlandse zanger verhaalt over jongens van tachtig die hij in het café achter de biljarttafel aantrof. Hij bezingt vol begrip hun laatste stoot. Hij weet het: ze zijn op weg naar de onvermijdelijke dood.


terug

volgende