Een nieuw begin

Bestaat er iets nieuws? Die vraag legde ik op zondag 10 januari voor aan de bezoekers van de Volksuniversiteit Zevenaar. 2010 is dan enkele dagen oud en de deelnemers aan het socratisch gesprek konden uit eigen ervaring vertellen of 31 december middernacht een kentering in hun leven was of dat alles bij het oude is gebleven.

Of er iets nieuws bestaat is een intrigerend probleem. Enkele jaren geleden was deze vraag mijn kennismaking met de socratische dialoog. Het gesprek duurde drie dagen en of u het gelooft of niet, maar na 72 uur waren we er nog niet uit. 'Een socratisch gesprek komt dan pas goed op gang', vertelden socratici met ervaring me. Vooral Duitsers, die de socratische methode begin twintigste eeuw nieuw leven inbliezen, zijn er gek op om dagenlang gestructureerd en gedisciplineerd over een filosofisch onderwerp aan de praat te blijven. Trouwens, of ik 'nieuw leven inblazen' zomaar mag zeggen, moet nog eens duchtig onderzocht worden.

Van Dales Woordenboek draait maar wat om het begrip 'nieuw' heen door er zich met 'pas ontstaan', 'gegroeid', 'gekweekt' en het synoniem 'jong' vanaf te maken. Taalkundig aardige oplossingen, maar filosofisch nogal armoedig. Helemaal in de nesten werkt het woordenboek zich door de woorden van dichter Herman Gorter 'een nieuwe lente, een nieuw geluid' te citeren. Hoorde Gorter een geluid dat nieuw was, of beluisterde hij bij het begin van een zogenaamd nieuw jaargetijde de echo van allang bestaande klanken?

Leuke intellectuele exercitie, denkt u misschien, niets voor mij, nuchtere Hollander. Maar vervang nieuw geluid door nieuw leven en de kwestie komt iets dichterbij. Bij gelegenheid kunt u in een ethisch dilemma met verstrekkende consequenties verzeild raken. Immers, wat is een nieuw leven en nog explicieter: wanneer is er sprake van nieuw leven? De pro-life beweging wil daarover graag met u van gedachten wisselen. Enige oefening in denken over wat nieuw is, is dus geen overbodige luxe.

De schrijver van deze column weet n ding zeker: ik ben niet meer nieuw. Mijn rug is versleten, mijn linker pink is reumatisch en mijn kinderen vinden me oud, al drukken ze zich wat meer parlementair uit. Ook zien uitvaartadviseurs en verkopers van viagra me niet als nieuw, want ze weten me via het internet te vinden.
Maar toch, door de aanmaak van nieuwe cellen vernieuwt mijn lijf zich voortdurend en de oude Troost heeft nog steeds nieuwe ideen, ook al zijn die vaak wat somber. Twijfel over wat nieuw is, raast dus door mijn hoofd en gemoed, vooral ook omdat ik niet de enige Paul Troost ben: anderen gingen mij voor.

In Duiven woont een naamgenoot die zich, je verzint het niet, met de duivensport bezighoudt, in Arnhem leeft een consultant onder mijn naam, en dan heb je nog de beroemde architect uit Duitsland, de leermeester van nazi-architect Albert Speer, die decennia na zijn dood nog zo springlevend is dat hij met mij op Google om de eerste plaatsen kan concurreren.
Kortom, drie dagen lijken me niet voldoende om de vraag 'bestaat er iets nieuws' uit te diepen. Zondag 10 januari maken we met anderhalf uur een voorzichtig begin.

meer columns ...

volgende